Ekklesia Leiden in tijden van corona

zondag 28 juni

 

 

Toekomst – gemeenschap

Voorganger: Rob van Waarde

zang, techniek, etc.: velen

liturgische schikking

 Herschep ons hart, her-adem ons verstand dat wij elkaar behoeden en doen leven.

Huub Oosterhuis

Alle liturgische schikkingen van Monique kun je hier vinden

Hier kunt U de viering  zien.

Een pdf van de orde van dienst vindt u hier.

U kunt reageren, graag zelfs.

Wilt U contact met de voorganger of anderszins reageren op deze pagina, dan kan dat via vieringen@ekklesialeiden.nl

Wilt u het werk van de Ekklesia steunen? Dan zijn uw giften welkom op bankrekeningnummer NL66 INGB 0004 8198 29 t.n.v. Vereniging Leidse Studenten Ekklesia te Leiden

Voor de kinderen

Wat kun jij doen voor Gods nieuwe wereld

We hebben een serie Bijbelverhalen waarin Jezus uitlegt hoe je je kunt voorbereiden op Gods nieuwe wereld. Vandaag hebben we de derde vertelling. De gelijkenis over de talenten uit Mattheüs 25:

Wij kunnen allemaal bijdragen aan Gods nieuwe wereld. Ieder moet uitzoeken hoe hij dat het beste kan doen. En ook jij hebt de opdracht om je talenten te gebruiken en te doen wat je kunt.

  • Waar ben jij thuis of op school blij om? En wat kun jij thuis of op school aan het geluk van anderen bijdragen?
  • Wat vind jij mooi in de natuur? En wat kun jij doen voor het milieu?
  • Ben jij wel eens oneerlijk behandeld? En hoe kun jij helpen dat iedereen eerlijk behandeld wordt?

Kom naar mijn feest

‘Het duurt niet lang meer,’ zegt Jezus tegen zijn vrienden, ‘dan ga ik weg. Ik ga naar mijn Vader in de hemel. Ik kom op een dag weer terug. Ik weet nog niet precies wanneer dat is. Maar ik vind het fijn als jullie in de tijd dat ik weg ben voor mij aan het werk gaan.

Ik zal jullie een verhaal vertellen waar je iets van kunt leren.

Het verhaal gaat over een rijke man die op reis moet. Voordat hij weggaat, roept de man zijn dienaren bij zich.
‘Kaleb, Daniël en Tobin,’ zegt hij. ‘Ik moet een poosje naar het buitenland. Zolang ik er niet ben, moeten jullie op mijn geld passen. Je moet het gebruiken om er geld voor mij mee te verdienen. Kan ik op jullie rekenen?’
‘Natuurlijk, meneer,’ zeggen de dienaren.
‘Fijn,’ zegt hun baas. ‘Kaleb, ik geef jou deze zware portemonnee. Er zit één miljoen in. Dat is veel geld. Daniël, hier is de portemonnee waar jij op moet passen. Er zit wat minder geld in, een half miljoen. Daar mag jij op passen. En Tobin, jij krijgt mijn kleinste portemonneetje. Daar zit het minste geld in. Zorg er goed voor.’
‘Doen we, meneer,’ zeggen de dienaren. Ze zwaaien hun baas uit.
Kaleb gaat meteen aan het werk met het geld uit de grote portemonnee. Hij koopt met het geld van zijn baas een oud huis, en hij knapt het helemaal op. Het is hard werken, maar als hij het huis verkoopt, krijgt hij veel geld. Hij verdient er een miljoen bij! De portemonnee is nu twee keer zo dik geworden!
Daniël heeft een portemonnee gekregen waar wat minder geld in zit. Een half miljoen. Hij huurt een vissersboot, koopt een paar netten en gaat vis vangen. Hij werkt elke nacht hard, hij vangt veel vis, en die verkoopt hij. Hij verdient veel geld: wel een half miljoen. Zijn portemonnee is ook twee keer zo dik geworden.
Tobin heeft het kleine portemonneetje gekregen met een klein beetje geld. Hij graaft een gat in de grond en stopt de portemonnee erin. En dan maakt hij het gat weer dicht.

Na een jaar komt de baas terug. Hij roept zijn drie dienaren bij zich. ‘Hoe is het met jullie?’ vraagt hij. ‘En wat hebben jullie met mijn geld gedaan?’
‘Heel goed, meneer,’ zegt Kaleb. Hij heeft een portemonnee bij zich die zo dik is dat het geld er bijna niet meer in past. ‘Kijkt u eens. Hier is uw portemonnee weer terug. Ik heb een miljoen voor u verdiend.’
‘Goed gedaan!’ zegt de baas blij. ‘Wat ben jij een goede werker. Ik zal je een grote beloning geven. Jij krijgt een belangrijke baan in mijn bedrijf. Kom je straks op mijn feest?’
Nu doet Daniël een stap naar voren. Hij heeft ook een dikke portemonnee bij zich. ‘Alstublieft, meneer,’ zegt hij. ‘Ik heb een half miljoen van u gekregen om mee aan het werk te gaan. Hier is het terug, met een extra half miljoen. Dat heb ik voor u verdiend.’
‘Fantastisch!’ zegt de baas. Hij staat op en omhelst Daniël. ‘Wat ben jij een goede, trouwe werker. Ik zal je belonen. Je krijgt een belangrijke baan in mijn bedrijf. Kom je straks op mijn feest?’
Als laatste stapt Tobin naar voren. ‘Meneer,’ zegt hij. ‘Ik weet dat u streng bent. U vindt dat u nooit genoeg hebt. U wilt altijd meer. Dus daarom heb ik er niks mee gedaan. Want ik dacht, als het mis gaat, als ik er iets van kwijtraak, dan wordt u vast heel erg boos op mij. Dus ik heb uw portemonnee veilig verstopt. Hier is hij weer terug. Kijkt u maar, al uw geld zit er nog in.’
De baas kijkt hem boos aan. ‘Wat?’ zei hij. ‘Je hebt helemaal niks gedaan met mijn geld? Dan had je het beter naar de bank kunnen brengen. Dan had ik er tenminste nog rente over gekregen.
Dienaren! Geef dat geld van Tobin maar aan Kaleb, die zo hard gewerkt heeft dit jaar. Iemand die veel doet, wil ik graag een beloning geven. En Tobin hoeft niet op mijn feest te komen. Het is duidelijk dat hij liever niet voor me werkt.’’

‘Dat is wel streng,’ zegt Petrus zacht. ‘Maar ook wel bijzonder,’ zegt Johannes. ‘Dat je dan op het feest van de baas mag komen. En dat hij je nog een cadeau geeft ook. Terwijl je alleen maar je werk hebt gedaan.’

vragen voor jonge kinderen

Om over te praten

  • Waarom moeten Kaleb, Daniël en Tobin een tijdje voor het geld van hun baas zorgen?
  • Hoe gaat Daniël aan het werk met het geld waar hij voor moet zorgen?
  • Als de baas terugkomt, vertellen de mannen wat ze met geld gedaan hebben. Wat vind jij ervan dat Tobin niets met het geld heeft gedaan?
  • Welke beloning krijgen Kaleb en Daniël van hun baas?

 

Gebed

Trouwe God,
U hebt de aarde gemaakt
en ook de mensen die daarop wonen.
U vindt het fijn als we goed zorgen
voor alles wat u ons geeft.
We hebben ook talenten gekregen.
We zijn allemaal ergens goed in.
Heer, help ons om onze talenten goed te gebruiken,
en blij te zijn met wat we kunnen.
Amen.

vragen voor oudere kinderen

  • Kun jij bedenken wat Jezus bedoelt met het geld dat de heer aan zijn dienaren geeft?
  • Iedereen heeft iets gekregen dat hij goed kan. Wat is jouw talent? Waar ben jij goed in?
  • Wie zijn talenten goed gebruikt, maakt anderen er blij mee. Hoe kun je anderen blij maken met jouw talent?
  • Voor Jezus maakt het niet uit of je nu één talent krijgt of tien. Ook niet welk talent je krijgt. De vraag is: Wat doe jij met jouw talent? Kun je daar iets over vertellen?

Activiteit 1

Iedereen van ons is ergens goed in. God wil dat we allemaal ergens knap in zijn, zodat we goed kunnen zorgen voor elkaar en de wereld om ons heen.

In deze opdracht beelden de kinderen uit waar ze goed in zijn.

Wat heb je nodig?

  • per kind een vel papier
  • kleurpotloden en viltstiften (een krant of tijdschrift waarin je voorbeelden vind van wat mensen goed kunnen of wat ze voor goeds doen)
  • lijm of plakband

Aan de slag:

  • De kinderen beelden iets uit waar ze goed in zijn in een tekening of collage,
    bijvoorbeeld: lezen, voetballen, spelen met je zusje, koken en bakken, enzovoort.
  • De kinderen knippen de tekening in zes stukken, zodat ze een puzzel krijgen.
  • De kinderen vragen iemand anders de puzzel te maken. De ander kan vertellen wat zij/hij ziet (en of dat past bij degene die de puzzel maakte).

Activiteit 2

God geeft iedereen gaven en talenten die bij hem of haar passen. Iedereen is ergens goed in. Misschien speelt één van de kinderen een instrument, of kan hij of zij heel goed bakken, voetballen, zingen, schilderen of zorgen.
In deze opdracht laten kinderen hun talenten aan elkaar zien.

Aan de slag:

  • De kinderen presenteren hun talent.
  • Voorbeelden:
    • Muzikaal talent: de kinderen spelen op een instrument, zingen een lied of doen een dans.
    • Taaltalent: kinderen lezen een zelfgemaakt gedicht voor.
    • Sporttalent: geef je eigen sportdemonstratie.
    • Creatief talent: laat bijvoorbeeld zelfgemaakte tekeningen, borduurwerk of knutselwerk of een eigen schilderij zien.
    • Goed kunnen leren, vakken waar je goed in bent.
    • Toneel, voorlezen.
    • Voor planten en dieren zorgen.
    • Anderen troosten, betrokkenheid tonen, mensen helpen.
    • Koken en bakken: kinderen laten iets zien en proeven.
  • Maak er een viermoment van om met elkaar lekkers te eten, schilderijen te bewonderen, naar muziek te luisteren, enzovoort.
  • Nodig de kinderen uit te bedenken hoe ze met hun talent anderen blij kunnen maken en hoe ze er later iets mee kunnen bijdragen voor Gods nieuwe wereld.

Samenwerkingen

Onze partners

Ekklesia Leiden

Lid worden

Wil je lid worden van de vereniging van de Ekklesia Leiden? De contributie bedraagt €25,00 per jaar.

Meer over lid worden van Ekklesia Leiden

X